Een paar dagen geleden vroeg ik me af of de witte armbandjes van de 'Make Poverty History'-campagne daadwerkelijk iets kunnen veranderen aan de armoede in de wereld. Terecht, zo blijkt nu: volgens berichtenindeBritsepers worden de bandjes onder erbarmelijke omstandigheden vervaardigd in Chinese fabrieken. We citeren de Mail:
'Audit reports on two Chinese factories producing the bands have shown standards fell below the Ethical Trading Initiative.
Tat Shing Rubber Manufacturing Company, in Shenzhen, near Hong Kong, was accused of "forced labour" by taking financial deposits, poor health and safety provision, long hours, unpaid overtime and no right to freedom of association, in the April 2005 audit.
An audit report on Fuzhou Xing Chun Trade Company, in Fujian province, included workers being paid below the local minimum hourly wage of 2.39 yuan (16p), down to 1.39 yuan (9p) in some cases, overtime work not being paid properly and with hours beyond the legal limit, no paid annual leave, no guarantee of a day off per week, and workers being deducted for disciplinary reasons.'
De Britse hulporganisaties Oxfam, Cafod en Christian Aid, die de polsbandjes verkopen, hebben inmiddels erkand dat de arbeidsomstandigheden in de fabrieken beneden alle peil zijn. Dominic Nutt, woordvoerder van Christian Aid, vat de situatie kernachtig samen: 'we were stupid'.
Met dank aan Ernst, die me op deze flagrante flappende flater attent maakte.