Nederlanders mogen graag zeuren over hun bestuurders. Toch trekken ze zelden de integriteit van politici en ambtenaren in twijfel. Belangenverstrengeling en zelfverrijking zijn in Nederland dan ook ongebruikelijke verschijnselen. Als een bestuurder wordt betrapt op subsidiefraude, gesjoemel met declaraties of het aannemen van steekpenningen, is dat voorpaginanieuws. En wanneer we de krant opvouwen kunnen we meestal vergenoegd vaststellen dat het een soepzootje is, daar beneden de grote rivieren.
Of hier in Zuidoost. Want ons stadsdeel heeft een twijfelachtige reputatie op het gebied van bestuurlijke integriteit. Vooral met de verdeling van welzijnssubsidies gaat al jaren veel mis. Het geld wordt weggesluisd naar obscure clubs, waar de dienst wordt uitgemaakt door bloed- en aanverwanten van deelraadsleden of, erger nog, door raadsleden zelf. En als dat niet het geval is, investeert het stadsdeel de subsidie in 'professionele' welzijnsorganisaties met torenhoge overheadkosten.